De Nieuw-Zeelandse immigratiedienst vertrouwt niemand op z’n blauwe ogen. Zelfs mij niet

Ze drukt haar twee duimen nog eens in m’n buik, schijnt met een lampje in m’n oog en neemt m’n lichaamstemperatuur op. Als ze daarna glimlachend zegt dat ik een ‘tall and handsome Dutchman’ ben, geloof ik dat het met die medische keuring allemaal wel goed zal komen. Maar het hele grapje heeft dan al wel ruim 500 Nieuw-Zeelandse dollar gekost.

Toen ik anderhalf jaar geleden voor het eerst naar Nieuw-Zeeland kwam (met een toeristenvisum) en er vorig jaar weer heenvloog (met een vakantiewerkvisum), dacht ik nog niet zo na over alle mitsen en maren die er zijn als je hierheen wilt komen.

Voet aan de grond

Maar nu realiseer ik me hoe prachtig Nieuw-Zeeland is en hoe graag mensen hier daarom blijven wonen. Nee, niet alleen vanwege de uitgestrekte natuur en prachtige landschappen. Ook vanwege de vriendelijke mensen, de gemakkelijke levensstijl en de fantastische manier waarop het land georganiseerd is.

Vanuit alle hoeken van de wereld komen mensen daarom naar Nieuw-Zeeland. Maar dat het helemaal nog niet zo gemakkelijk is om hier vervolgens ook een voet aan de grond te krijgen, blijkt wel uit dit indrukwekkende interview dat vanochtend op RTL Nieuws verscheen.

Tulpen in Invercargill

In het kort: een Nederlands stel verhuist in 2016 naar Invercargill – inderdaad, nog geen twee uur van Queenstown en ook de plek waar Mike is opgegroeid – om er tulpen te verbouwen. Dat gaat ze voor de wind en op basis van hun bedrijf proberen ze een permanente verblijfsvergunning aan te vragen. Dat plan valt echter in het water als de vader van het gezin kanker krijgt en daardoor niet door de medische keuring komt.

Zo simpel is het dus: als je niet aan alle gestelde voorwaarden voldoet, ben je hier niet welkom. Dan maakt het helemaal niet uit hoeveel je verdient of waar je vandaan komt. Laat staan dat de immigratiedienst je op je blauwe ogen vertrouwt.

Tientallen selfies en bankafschriften

Mijn excuus om hier te blijven is het ‘partnership’ dat ik heb met Mike. Die hoeft niet officieel te zijn vastgelegd (godzijdank, want dat zou betekenen dat we pats-boem zouden moeten trouwen, ofzo), maar je moet wel met een heel arsenaal bewijsmateriaal komen.

Zo hebben we de afgelopen weken een dozijn brieven van vrienden en familie verzameld, die onze relatie bevestigen. We hebben bij de visumaanvraag tientallen selfies meegestuurd, naast de afschriften van ons gezamenlijke bankaccount, rekeningen van vluchten waar we samen in zaten, brieven die aan ons beiden geadresseerd waren en, jawel, gesprekken die we hadden via WhatsApp.

‘Genuine and stable’

Het hele pakket, inclusief een officieel vertaalde VOG-verklaring, ligt nu in afwachting van een antwoord bij de immigratiedienst. Door de recente aanslag in Christchurch heeft die het alleen zo druk met visumaanvragen van familieleden van de slachtoffers, dat de wachttijd is opgelopen tot bijna drie maanden.

Over de afloop maak ik me niet zo’n zorgen: een ‘genuine and stable relationship’ – de hoofdvoorwaarde voor een partnershipvisum – hebben we wel. Het kan alleen wel betekenen dat ik door de lange wachttijd m’n geplande vakantie in Europa moet verlengen, want totdat ik van de immigratiedienst een bevestigend antwoord krijg ben ook ik niet welkom in Nieuw-Zeeland.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *